Witte week 9 tot 13 oktober en thema Kabouters

Afbeeldingsresultaat voor kabouters in het bos


We gaan deze weken al aan het oefenen voor onze maandafsluiting.
Omdat deze maandafsluiting in de herfst is, is ons thema Kabouters.

Het versje dat wij leren gaat zo:

Hompeltje en Pompeltje,
die klommen op een berg.
Hompeltje was een kaboutertje,
en Pompeltje een dwerg.
Ze klommen boven in het topje,
en schudden, schudden met hun kopje.
Toen zijn ze in de berg gekropen,
en niemand zag ze ooit nog lopen.
Ze slapen zachtjes op één oor,
ssssst, ik geloof dat ik ze hoor.


Afbeeldingsresultaat voor hompeltje en pompeltje

Het liedje wat we leren gaat zo:

Er waren eens vier kaboutertjes,
zo,zo klein.
Die maakten samen een rondedans,
piek, piek, fijn.
Kabouter één kom er eens uit,
en toon je kunsten kleine guit.
Dan doen we het allemaal na,
dan doen we het allemaal na
dan doen we het allemaal na.

Afbeeldingsresultaat voor vier kabouters

Op maandag 9 oktober komt het volgende cijfer in de letterzak:
Afbeeldingsresultaat voor 3
Dansen:

Voor de maandafsluiting gaan we de kabouter Plop dans oefenen.

Afbeeldingsresultaat voor kabouter plop dans

Rekenen:

Tijdens de verschillende rekenactiviteiten gaan we aan de slag met 2 meer of 2 minder.
OO + OO = OOOO

Talentochtend:
Woensdag 11 oktober is de eerste talentochtend.
We hebben allemaal aan mogen geven wat we graag willen doen en hebben er veel zin in.

Afbeeldingsresultaat voor talenten van kinderen
We leren deze week ook nog een versje over de spin:

Er zit een spinnetje op mijn schoen,
ze kruipt omhoog op mijn knie,
omhoog over mijn buik,
naar mijn schouder,
over mijn oor,
boven op mijn hoofd.
Ze kijkt eens naar voor,
ze kijkt eens naar achter,
ze kijkt eens opzij,
en dan roetsj is ze weg.

Afbeeldingsresultaat voor spin tekening

Dans en drama:

Tijdens de dans en drama les gaan we de volgende activiteit doen:
Alle kinderen zitten in een kring.
De juf noemt een overeenkomstig kenmerk van zichzelf en een ander kind.
Bijvoorbeeld: "Ik heb een bril op, Joris heeft ook een bril op".
Een bol wol gaat van de juf naar Joris.
De juf houdt het uiteinde vast.
Nu is Joris aan de beurt om een overeenkomst te zoeken:
"Ik heb.... en ...... heeft dat ook."
De bol wol gaat verder. Zo ontstaat er een spinnenweb.

Gerelateerde afbeelding